Stemmen per post is een riskant experiment

Patrick van Schie

Column

Stemmen per post is een riskant experiment, schrijft directeur van de TeldersStichting Patrick van Schie. Op voorstel van minister Ollongren krijgt iedereen met een leeftijd van 70 jaar of ouder de kans in maart zijn of haar stem voor de Tweede Kamerverkiezingen per post uit te brengen. Belangrijke grondrechten komen in maart onder druk. 

In de Verenigde Staten heeft het uitbrengen van een stem voor de presidentsverkiezingen een enorme vlucht genomen. Ongeveer de helft van alle uitgebrachte stemmen is ditmaal per post gegaan. Deze vorm van stemmen is daarmee in de Verenigde Staten van een aanvullende uitzondering tot welhaast de norm geworden.

Dat Trump degene is die hiertegen bezwaren maakt brengt de meeste van zijn tegenstanders – in Europa gaat het dan algauw om 80% of meer van alle mensen – ertoe deze bezwaren weg te wuiven. Ongetwijfeld hebben Trump’s bezwaren een politieke kleuring; het zijn immers vooral Democratisch gezinde kiezers die per post hebben gestemd. Wat meteen ook verklaart waarom er aan Democratische zijde zoveel enthousiasme over briefstemmen heerst; dat is evenzeer politiek gekleurd.

Ongeacht het voor- of nadeel dat een bepaalde partij ervan kan hebben, zitten er wel haken en ogen aan stemmen per post. Dat betreft niet alleen de vraag tot wanneer ingekomen stembrieven nog moeten worden meegeteld; hoe lang het dus heeft geduurd tot we de uitslag kenden (afgezien van de juridische procedures die nog gaan komen). Dat is een praktisch probleem, dat in de VS rommelig (en per staat) geregeld is. Het probleem met briefstemmen steekt dieper. En dat is ook voor ons hoogst relevant nu minister van Binnenlandse Zaken Ollongren de deur in Nederland wijd open heeft gezet voor dezelfde methode.

Op voorstel van Ollongren krijgt iedereen met een leeftijd van 70 jaar of ouder de kans in maart zijn of haar stem voor de Tweede Kamerverkiezingen per post uit te brengen. Dit onder verwijzing naar het coronavirus, waardoor oudere (kwetsbaardere) kiezers zich wellicht onveilig voelen in het stemlokaal. Een reële bron van zorg, nu het er niet naar uitziet dat we half maart al van het virus verlost zullen zijn in díe zin dat er dan reeds een goed werkend vaccin breed beschikbaar is of dat er dan een behandeling zal zijn die besmetting met corona veel minder gevaarlijk maakt.

 Daar voor de komende Tweede Kamerverkiezingen rekening mee houden is goed maar stemmen per post is een methode die ernstige nadelen in zich bergt. Indien het stembiljet thuis wordt ingevuld is er namelijk geen enkele garantie dat de kiezer dit kan doen zonder dat er iemand meekijkt, en/of druk op die kiezer uitoefent. Normaal wordt dat gegarandeerd doordat de kiezer in zijn eentje het stemhokje in gaat en daar het stembiljet invult. Ongeacht de druk die tot aan het stemlokaal op hem of haar is uitgeoefend, de kiezer kan in het stemhokje elk hokje van eigen voorkeur rood maken in de wetenschap dat niemand kan weten welk vakje hij of zij rood heeft gekleurd.

Dit stemgeheim is niet niets. Het ligt vast in art. 53 lid 2 van onze Grondwet. Het is er eind 19e eeuw ingebracht – tot die tijd vulden kiezers ook in ons land hun stembriefje thuis in – juist om te voorkomen dat een kiezer in plaats van zijn eigen voorkeur wordt gedwongen die van zijn werkgever of die van de pastoor of de dominee te volgen. We kunnen daaraan voor de huidige tijd toevoegen: dat de kiezer de instructie van een imam, de echtgenoot of van zorgverleners volgt in plaats van de eigen politieke voorkeur. Dat elke kiezer zijn eigen voorkeur kan volgen is zó belangrijk, dat praktische bezwaren het stemgeheim niet terzijde mogen schuiven. En evenmin valt in te zien hoe de voorgestelde regeling zich verdraagt met het in onze Grondwet verankerde stemgeheim.

Het probleem is zelfs nog ernstiger omdat er bij briefstemmen ook geen garantie is dat de kiezer zijn of haar eigen stembiljet zelf invult. Hoe valt te voorkomen dat anderen (geestelijke leiders, bepaalde politieke partijen, vakbondsfunctionarissen, zorgverleners, etc.) kiezers wel even zullen ‘helpen’ bij het invullen van het stembiljet, door het gewenste vakje alvast rood te kleuren? Dit is bij thuis stemmen niet te voorkomen. Hierdoor wordt het one (wo)man one vote- principe eveneens geweld aangedaan. Sommige kiezers dreigen de facto hun (eigen) stem kwijt te raken. Anderen krijgen de gelegenheid stemmen te verzamelen.

Alleen al uit principieel oogpunt is dit hoogst bezwaarlijk. Het gaat bovendien niet om een marginale kwestie. Volgens Ollongren betreft het in maart 2,4 miljoen kiezers. Dat is rond 18,5% van alle kiesgerechtigden; en omdat ouderen ruimer opkomen dan jongeren is dit algauw potentieel 1 op elke 5 uitgebrachte stemmen. Onze verkiezingen zijn te belangrijk om het stemgeheim en de garantie dat elke kiezer zélf stemt op de helling te zetten. Dat Trump de bezwaren tegen poststemmen heeft verwoord, mag ook al diegenen die van zijn persoon gruwen niet blind maken voor de reële gevaren die ermee gepaard gaan.

Maar hoe moet het dan wel voor kiezers die de drukte in het stemlokaal vrezen? Zorg voor stewards (m/v) die nauwgezet voldoende afstand in de wachtrijen bewaken. Vorm voor ouderen eventueel een afzonderlijke rij, en richt aparte stemhokjes in. En zet in de buitenlucht tenten op met aldus vanzelf goed geventileerde stemhokjes. Wees dus creatief maar zorg er vooral voor dat iedere kiezer goed van vreemde ogen afgeschermd de eigen voorkeur kenbaar kan maken en dat we gevrijwaard blijven van stemmenronselarij.

Lees ook over andere liberalen

Milton Friedman

Adam Smith

Lizzy van Dorp

John Stuart Mill